14 oktober 2015Weigering btw-teruggaaf zonnepanelen voor periode tot 20 juni 2013 in strijd met doeltreffendheidsbeginsel

Het weigeren van een btw-teruggaaf voor de aanschaf van zonnepanelen is in strijd met het doeltreffendheidsbeginsel, als de ondernemer al het mogelijke geprobeerd heeft om zijn recht op aftrek tijdig te kunnen effectueren. 

X heeft in april 2013 zonnepanelen gekocht voor een bedrag van circa € 7.000 inclusief ruim € 1.100 btw. De factuur dateert van 12 april 2013. Vanaf diezelfde maand levert X tegen vergoeding energie aan de energiemaatschappij. Naar aanleiding van het Fuchs-arrest van het HvJ EU op 20 juni 2013 heeft X bij de BelastingTelefoon geïnformeerd hoe hij de btw op de aanschaf van de zonnepanelen terug kon krijgen. Hem is meegedeeld dat hierover nog geen besluit was genomen en dat vooralsnog geen btw-nummers werden verstrekt. Deze informatie bleek enige tijd later ook uit een bericht op de website van de Belastingdienst. Na de publicatie van het standpunt van de staatssecretaris dat duurzame exploitatie van zonnepanelen door particulieren leidt tot btw-ondernemerschap heeft X in september 2013 direct verzocht om een ‘Aanvraagformulier startende ondernemer’ en dit formulier op 10 oktober 2013 ingediend, waarbij als startdatum van de onderneming 1 april 2013 was ingevuld. Hierna heeft X een aangiftebiljet voor de periode 20 juni t/m 30 september 2013 ontvangen en dit – nadat hij vergeefs had verzocht om een jaaraangiftebiljet – in november 2013 ingediend, waarbij hij € 1.126 aan aftrekbare voorbelasting opvoerde. 

De Belastingdienst heeft de teruggaaf bij beschikking van 29 december 2013 geweigerd, met de motivering dat X zich niet voor 1 augustus 2013 als ondernemer had aangemeld. X heeft hiertegen bezwaar en beroep aangetekend. 

Rechtbank Zeeland-West-Brabant stelt in haar oordeel voorop dat X – een startende ondernemer aan wie geen aangifte is uitgereikt en die (nog) geen btw verschuldigd is – zijn verzoek om teruggaaf binnen drie maanden na afloop van het kwartaal waarop het verzoek betrekking heeft, had moeten indienen. In dit geval moest het verzoek dus zijn ingediend vóór 1 oktober 2013, zodat het verzoek naar de letter van de Wet te laat was en X geen recht op teruggaaf heeft. 

Dit rechtsgevolg is volgens de rechtbank echter niet aanvaardbaar in het licht van de jurisprudentie van het HvJ EU. Het staat immers vast dat X tijdig en het nodige geprobeerd heeft om zijn recht op aftrek – leidend tot een teruggaaf – te kunnen effectueren. De inspecteur heeft ter zitting erkend dat X heeft gedaan wat hij redelijkerwijs kon doen. Het is in strijd met het Unierecht om geen btw-nummers af te geven, gezien het duidelijke oordeel van het HvJ EU in de zaak Fuchs en het feit dat het HvJ EU in het arrest de temporele werking van zijn uitleg niet beperkt heeft in de tijd. Het effect dat aanmeldingen als ondernemer en daarmee verzoeken om teruggaven werden afgehouden, was te voorzien geweest omdat het landelijk beleid was dat er geen btw-nummers werden afgegeven. 

De rechtbank oordeelt dan ook dat, hoewel de termijn van drie maanden voor het indienen van een verzoek op zichzelf niet in strijd is met het gelijkwaardigheids- en doeltreffendheidsbeginsel, de wijze waarop de Belastingdienst heeft gehandeld in combinatie met het strikt vasthouden aan de vervaltermijn van drie maanden de facto heeft gezorgd voor een systematische belemmering van het recht op aftrek in gevallen zoals die van X. Deze belemmering is in strijd met het doeltreffendheidsbeginsel, aldus de rechtbank. X heeft daarom recht op teruggaaf, die de rechtbank in deze procedure verleent.

Het memo inzake btw en zonnepanelen, dat te downloaden is op de pagina Memo’s, zal op korte termijn worden geactualiseerd naar aanleiding van deze uitspraak.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op