24 juli 2012Voorwaarden btw-vrijstelling ambulante zorgprestaties strijdig met neutraliteit

De Duitse wetgeving heeft aan de vrijstelling van ambulante zorgprestaties voor zieken en zorgbehoevenden (zie 8.2.5) de voorwaarde verbonden dat bij de betrokken instellingen de verpleegkosten in het voorgaande jaar in ten minste tweederde van de gevallen geheel dan wel grotendeels moeten zijn gedragen door wettelijke instellingen van sociale verzekering of bijstand. Aan Ines Zimmermann, leidinggevende van een ambulante verpleegdienst die voornamelijk particulier betalende cliënten had, werd op basis van bovengenoemde wetgeving de vrijstelling geweigerd. Zimmermann is hiertegen in verweer gekomen, mede omdat zij reeds beschikte over documenten van het stadsbestuur waaruit bleek dat zij erkend werd als instelling van sociale aard. De Duitse regering heeft echter betoogd dat de prestaties van publiekrechtelijke instellingen anders kunnen worden behandeld dan die van privaatrechtelijke entiteiten. 

A-G Mazák heeft het HvJ EU geadviseerd om te beslissen dat het unierecht in beginsel toestaat dat de nationale wetgever aan de vrijstelling van ambulante zorgprestaties de voorwaarde verbindt dat bij de betrokken instellingen de verpleegkosten in het voorgaande jaar in ten minste tweederde van de gevallen geheel dan wel grotendeels moeten zijn gedragen door wettelijke instellingen van sociale verzekering of bijstand, voor zover deze voorwaarde strookt met het beginsel van fiscale neutraliteit. A-G Mazák is evenwel van mening dat het beginsel van fiscale neutraliteit zich verzet tegen de toepassing van deze voorwaarde wanneer (soort)gelijke diensten onder verschillende voorwaarden als vrijgesteld worden behandeld, zoals in casu het geval is.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op