18 maart 2016Verwijzing voor onderzoek naar betrokkenheid bij btw-fraude

De Hoge Raad is van oordeel dat een btw-voordeel moet worden geweigerd indien aan de hand van objectieve gegevens vaststaat dat de belastingplichtige wist of had moeten weten dat hij met de handeling waarvoor aanspraak op het btw-voordeel wordt gemaakt deelnam aan btw-fraude.

De Hoge Raad heeft arrest gewezen in de zaken Schoenimport Italmoda Mariano Previti v.o.f. (hierna: Italmoda), Turbu.com B.V. en Turbu.com Mobile Phone’s B.V. In eerstgenoemde zaak oordeelt de Hoge Raad dat uit het arrest van het HvJ in deze (gevoegde) zaken volgt dat een nationale rechter een belastingplichtige in het kader van een intracommunautaire levering het recht op btw-aftrek, teruggaaf van btw of nultarief moet weigeren indien aan de hand van objectieve gegevens vaststaat dat hij met de handeling waarvoor aanspraak op het betrokken recht wordt gemaakt deelnam aan btw-fraude. Dit geldt ook indien de btw-fraude in een andere EU-lidstaat heeft plaatsgevonden. Omdat Hof Amsterdam anders heeft geoordeeld, is het hof van een onjuiste rechtsopvatting uitgegaan. Het hof had derhalve niet in het midden mogen laten wat de betrokkenheid van Italmoda bij de btw-fraude is geweest. De Hoge Raad verwijst de zaak ter verdere behandeling en beslissing naar Hof Den Haag.

In de zaak Turbu.com B.V. oordeelt de Hoge Raad, onder verwijzing naar zijn arrest in de zaak Italmoda, dat verwijzing naar Hof Arnhem-Leeuwarden moet volgen. Het verwijzingshof dient te onderzoeken of Turbu.com B.V. bij het toepassing van het nultarief wist of had moeten weten dat zij deelnam aan btw-fraude in het kader van een keten van leveringen.

Ook in de zaak Turbu.com Mobile Phone’s B.V. oordeelt de Hoge Raad, onder verwijzing naar het Italmoda-arrest, dat verwijzing naar Hof Arnhem-Leeuwarden moet volgen en dat dit verwijzingshof dient te onderzoeken of Turbu.com Mobile Phone’s B.V. bij het uitoefenen van het recht op btw-aftrek wist of had moeten weten dat zij deelnam aan btw-fraude in het kader van een keten van leveringen. Omdat de inspecteur in deze zaak niet voor het hof had gesteld dat het nultarief moest worden geweigerd wegens betrokkenheid bij btw-fraude kan het nultarief naar het oordeel van de Hoge Raad niet op die grond worden geweigerd.

Dat de Hoge Raad de zaken verwijst voor onderzoek naar de betrokkenheid bij btw-fraude is na de conclusie van A-G Ettema geen verrassing te noemen. Voor de praktijk is van belang dat de inspecteur die meent dat (een van) deze arresten van toepassing zijn (is) nog steeds aan de hand van objectieve gegevens aannemelijk moet maken dat sprake is van btw-fraude in de handelsketen én dat de belastingplichtige wiens recht op btw-aftrek, btw-teruggaaf of nultarief hij betwist dit destijds wist of had moeten weten. De ervaring leert dat de inspecteurs die bewijslast nogal eens over het hoofd zien. Uit het Turbu.com Mobile Phone’s B.V.-arrest kan overigens afgeleid worden dat de Hoge Raad – anders dan A-G Ettema – van oordeel is dat bij bewezen betrokkenheid bij btw-fraude zowel het recht op btw-aftrek als de toepassing van het nultarief geweigerd mag worden. Omdat voorkomen beter is dan genezen is het van belang om btw-fraudesignalen tijdig te onderkennen en actie te ondernemen. Zie voor meer informatie over de gevolgen van betrokkenheid bij btw-fraude en fraudesignalen 12.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op