8 maart 2018Verhuur kajuitzeiljachten belast met 6% btw

Hof Den Bosch heeft geoordeeld dat de verhuur van kajuitzeiljachten onder het verlaagde tarief van 6% valt.

Feiten
Een fiscale eenheid houdt zich bezig met de exploitatie van een zeilschool en de verhuur van zeil- en motorboten. Daarnaast stelt zij vergaderruimten ter beschikking en verkoopt zij boten. De fiscale eenheid maakt gebruik van de havenfaciliteiten van de jachthaven en beschikt over een sportaccommodatie. De fiscale eenheid verhuurt onder andere kajuitzeiljachten, die wegens hun objectieve kenmerken geschikt zijn voor de beoefening van sport. Deze kajuitzeiljachten worden op vier verschillende wijzen verhuurd: voor deelname aan wedstrijden, dagverhuur, verhuur voor een korte periode en verhuur voor zeezeilen. De kajuitzeiljachten worden in overwegende mate per dag verhuurd. Verder verricht de fiscale eenheid aanvullend dienstbetoon met betrekking tot de kajuitzeiljachten. Te denken valt aan: het aanbieden van de mogelijkheid om van de havenfaciliteiten en aangrenzende vaargebied gebruik te maken, het aanbieden van aanvullend materieel wat benodigd is voor de sportbeoefening, het exploiteren van toiletten, kleedruimten en douches, het verstrekken van alle benodigde informatie met betrekking tot de veiligheid en het geven van advies en instructies. Het aanvullend dienstbetoon zorgt ervoor dat de huurders in de gelegenheid worden gesteld om de zeilsport te beoefenen.

Procedure
De fiscale eenheid heeft over de tijdvakken februari 2012 t/m december 2012 en februari 2013 t/m maart 2014 maandelijks btw-aangifte gedaan en de verschuldigde btw voldaan. Tegen de voldoening op aangifte is maandelijks bezwaar gemaakt. De inspecteur heeft ten aanzien van de helft van deze bezwaren besloten om geen teruggaaf te verlenen en met betrekking tot de andere helft de bezwaren afgewezen. De fiscale eenheid is in beroep gegaan bij de rechtbank waarbij de beroepen zijn samengebundeld. De rechtbank heeft het beroep gegrond verklaard en heeft geoordeeld dat het btw-tarief van 6% van toepassing is op de verhuurde polyvalken, sup-boards en kano’s. Er wordt een btw-teruggaaf verleend. De fiscale eenheid is tegen deze uitspraak in hoger beroep gegaan. In hoger beroep heeft de fiscale eenheid ervoor gekozen om de voldoening van btw op aangifte over het tijdvak augustus 2012 volledig uit te procederen en de uitkomst ervan te laten gelden op de overige hogere beroepen. De inspecteur is hiermee akkoord gegaan.

Hof Den Bosch
In hoger beroep is alleen in geschil of de terbeschikkingstelling van kajuitzeiljachten kwalificeert als het gelegenheid geven tot sportbeoefening en daardoor onder het verlaagd btw-tarief van 6% valt. De term ‘gelegenheid geven tot sportbeoefening’ moet worden uitgelegd in overeenstemming met de term ‘het recht gebruik te maken van sportaccommodaties’ in de btw-richtlijn. Tussen partijen is niet in geschil dat de accommodatie die de fiscale eenheid exploiteert, kwalificeert als een sportaccommodatie. Het hof is van oordeel dat het geheel van de aangeboden prestaties door de fiscale eenheid als één dienst moet worden beschouwd, omdat wanneer deze diensten zouden worden gesplitst, dit vanuit de modale consument bezien kunstmatig zal zijn. Het gaat er bij de modale consument erom niet één van de aangeboden diensten te ontvangen, maar om het ‘totaalpakket’: het ter beschikking krijgen van een kajuitzeiljacht vanuit de sportaccommodatie tezamen met de andere prestaties. Het hof oordeelt dat het zeilen met de terbeschikkinggestelde kajuitzeiljacht te beschouwen is als een activiteit die gekenmerkt wordt door een niet te verwaarlozen lichamelijke component en daarmee voldoet aan het gelegenheid geven tot sportbeoefening. De omstandigheid dat niet iedere klant meedoet aan wedstrijden en kiest voor zeilen op een meer ontspannende en recreatieve wijze, doet hier niet aan af. Ook de omstandigheid dat klanten kunnen zeilen op Zeeuwse wateren en op (open) zee, en daarmee niet binnen gemarkeerd vaarwater blijven, doet niet af aan de kwalificatie van de door de fiscale eenheid verrichte dienst als het geven van gelegenheid tot sportbeoefening. Op de terbeschikkingstelling van kajuitzeiljachten is het verlaagde btw-tarief van 6% van toepassing, zodat het hoger beroep gegrond is.

 In gevallen waarbij een ondernemer verschillende prestaties levert, moet eerst worden beoordeeld of deze prestaties afzonderlijk voor de btw moeten worden behandeld of als één geheel. Met verwijzing naar het HvJ Bastova-arrest oordeelt hof Den Bosch dat wanneer een ondernemer ook het recht geeft gebruik te maken van een sportaccommodatie, dit niet zonder meer bepalend is voor de kwalificatie van de verleende dienst. Er dient nog steeds naar alle elementen van de dienst te worden gekeken. Als de diensten die de ondernemer verricht, moet worden gekwalificeerd als één enkele samengestelde dienst, dan kan het verlaagde tarief niet van toepassing zijn als het recht om gebruik te maken van de sportaccommodatie gelijkwaardig is aan de overige elementen of wanneer de overige elementen het hoofdelement van de dienst vormt. Het hof heeft naar onze mening terecht geoordeeld dat de dienst van de fiscale eenheid in casu als één prestatie kwalificeert, te weten: het ter beschikking krijgen van een kajuitzeiljacht vanuit de sportaccommodatie tezamen met de andere prestaties. Het gaat de modale consument immers om het totaalpakket. Ook is dit oordeel in overeenstemming met het Hardlooptraining-arrest van de Hoge Raad. In genoemd arrest stelde de belanghebbende de deelnemers in staat om de hardloopsport in georganiseerd verband te beoefenen door een locatie ter beschikking te stellen van waaruit de deelnemers vertrokken en waar zij ook weer terugkomen en zich verzorgen. Ook werd vanuit die locatie sportieve en paramedische begeleiding gegeven. De Hoge Raad heeft in dat geval geoordeeld dat sprake was van het geven van gelegenheid tot sportbeoefening. Dat het eigenlijke sporten/hardlopen op de openbare weg bevond, en dus niet binnen het terrein van de terbeschikkinggestelde locatie, deed hier niet aan af. Gelet op het Zeilschool-arrest van de Hoge Raad is het oordeel van het hof in onderhavige zaak ook in overeenstemming met de eerdere jurisprudentie. In het Zeilschoolarrest bood een zeilschool zeil- en surfarrangementen aan waarbij de cursisten aan wal gebruik konden maken van een accommodatie met sanitaire voorzieningen en douche- en kleedruimten. De zeil- en surflessen werden gegeven in de jachthaven en op het openbare gedeelte van het Q-meer dat voor een gedeelte is afgebakend met boeien en vlotten. Hiervan heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de accommodatie op de wal met de daarbij behorende voorzieningen en het (gemarkeerde) water waarop gevaren wordt, kwalificeert als een sportaccommodatie, zodat het verlaagde btw-tarief van toepassing is. Gelet op deze vergelijkbare arresten kan men zich afvragen of ‘het recht gebruik te maken van sportaccommodaties’ in Bijlage III, punt 13 van de btw-richtlijn niet te ruim wordt toegepast in Nederland. De sportbeoefening (de activiteit) enerzijds hangt immers nauw samen met de sportaccommodatie (de locatie). Deze arresten wekken namelijk de indruk dat indien een ondernemer méér aanvullende diensten verricht dan alleen de verhuur van een accommodatie die verband houdt met enige vorm van sport, het verlaagde btw-tarief kan toepassen. Naar onze mening kan dit alleen het geval zijn als de accommodatie onder normale omstandigheden ook geschikt is om de desbetreffende sport uit te oefenen en dat dergelijke accommodatie/aanvullend dienstbetoon daadwerkelijk de sportbeoefening bevordert. De term ‘gelegenheid geven tot sportbeoefening’ dient naar onze mening beperkt te worden uitgelegd, aangezien bepaald is dat het verlaagde btw-tarief van 6% slechts van toepassing is op een beperkt aantal goederen/diensten.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op