3 januari 2017Te laat verzocht om btw-teruggaaf zonnepanelen

Tijdens een procedure bij de Rechtbank Zeeland-West-Brabant staat de vraag centraal of de heer A recht heeft op de gevraagde teruggaaf van betaalde btw bij de aanschaf van zonnepanelen.

De feiten zoals deze hebben plaatsgevonden:

  • Begin 2013: de heer A heeft zonnepanelen laten plaatsen op het dak van zijn woning
  • Maart 2013: de heer A heeft een factuur ontvangen voor de zonnepanelen
  • Mei 2013: de heer A heeft de zonnepanelen in gebruik genomen
  • 20 juni 2013: Het HvJ heeft in het Fuch-arrest beslist dat de exploitatie van zonnepanelen een economische activiteit is.
  • Januari 2014: de heer A heeft zich naar aanleiding van het Fuch-arrest aangemeld als btw-ondernemer. Op het formulier heeft hij vermeld dat de startdatum van de onderneming 8 mei 2013 is en heeft verzocht om op jaarbasis aangifte te mogen doen.
  • Vervolgens heeft de inspecteur van de Belastingdienst een aangiftebiljet voor startende ondernemers toegestuurd voor de periode 20 juni 2013 t/m 31 december 2013.
  • De heer A heeft in deze aangifte € 57 verschuldigde btw en € 1.982 aftrekbare btw opgenomen, per saldo dus een teruggaaf van € 1.925.

Volgens de inspecteur heeft de heer A geen recht op de gevraagde teruggaaf omdat de aftrek geclaimd is in een verkeerd tijdvak. De heer A heeft de btw op ze zonnepanelen in maart 2013 in rekening gebracht gekregen, maar de teruggaaf hiervan geclaimd in de aangifte over de periode 20 juni t/m 31 december 2013. De rechtbank oordeelt echter dat dat niet kan worden tegengeworpen aan de heer A. De heer A had verzocht om een aangifte over het juiste tijdvak, maar de inspecteur is hiervan afgeweken door een ander tijdvak op de aangifte te vermelden.
Volgens de rechtbank is het teruggaveverzoek echter niet tijdig ingediend. De heer A had het teruggaafverzoek binnen drie maanden na afloop van het kwartaal waarop het verzoek betrekking heeft moeten indienen. De heer A heeft zijn verzoek ruim na deze datum – en dus te laat – ingediend.

In een andere zaak over een soortgelijke kwestie kwam Rechtbank Zeeland-West-Brabant tot een tegengesteld oordeel. De heer B had eveneens in het voorjaar van 2013 zonnepanelen aangeschaft en in gebruik genomen. De heer B had zich echter direct toen dit mogelijk werd – in september 2013 – aangemeld als btw-ondernemer en heeft in november 2013 een teruggaafverzoek ingediend. Ook dit teruggaafverzoek werd door de inspecteur geweigerd. De rechtbank oordeelde in deze zaak eveneens dat de heer B zijn teruggaafverzoek binnen drie maanden na afloop van het kwartaal waarop het verzoek betrekking had, had moeten indienen. De weigering van de teruggaaf was volgens de rechtbank echter in strijd met het doeltreffendheidsbeginsel. De wijze waarop de Belastingdienst had gehandeld in combinatie met het strikt vasthouden aan de vervaltermijn van drie maanden hadden gezorgd voor een systematische belemmering van het recht op aftrek.
De reden waarom de rechtbank in de hierboven besproken zaak tot een ander oordeel komt zal zijn dat de heer A niet direct na publicatie van het Fuchs-arrest en/of het ontstaan van de mogelijkheid tot aanmelding als btw-ondernemer actie heeft ondernomen. Hij heeft zich pas ruim een half jaar na de datum van het arrest aangemeld als btw-ondernemer.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op