22 mei 2018Rondleiding in Arena en bezoek Ajaxmuseum één dienst die belast is tegen algemene btw-tarief

De Hoge Raad oordeelt dat slechts één btw-tarief van toepassing is op de door Stadion Amsterdam cv verzorgde tours in de arena.

Feiten

Stadion Amsterdam cv (hierna: Stadion Amsterdam) exploiteert een multifunctioneel gebouwencomplex, bestaande uit een stadion met bijbehorende voorzieningen. In het complex is ook een museum van de voetbalclub gevestigd. Stadion Amsterdam verhuurt het stadion aan derden voor het houden van sportwedstrijden en daarnaast, incidenteel, voor optredens. Verder verzorgt Stadion Amsterdam tours door het complex op het moment dat er geen evenementen plaatsvinden. De tours bestaan uit een rondleiding door een gids door het complex en na afloop van de rondleiding een bezoek aan het museum. Het is niet mogelijk het museum te bezoeken zonder deelname aan een tour. Naar de mening van Stadion Amsterdam zijn de tours belast met 6% btw. De inspecteur is echter van mening dat geen sprake is van het verlenen van toegang tot openbare musea of verzamelingen, zodat de diensten belast zijn tegen het algemene btw-tarief en heeft daarom naheffingsaanslagen opgelegd.

Procedure

In deze zaak is inmiddels uitspraak gedaan door onder andere Rechtbank Haarlem, Hof Amsterdam en de Hoge Raad. Deze laatste heeft de zaak doorverwezen naar Hof Den Haag. Het hof oordeelde dat het verzorgen van een rondleiding door een voetbalstadion met de daarbij behorende voorzieningen (inclusief het museum van een voetbalclub) kwalificeert als het verlenen van toegang tot openbare musea of verzamelingen is in Nederland, zodat Stadion Amsterdam terecht het 6%-tarief heeft toegepast. De staatssecretaris heeft tegen dit oordeel beroep in cassatie aangetekend, omdat hij meent dat het oordeel getuigt van een onjuiste uitleg van de tabelpost. De Hoge Raad heeft dit cassatieberoep gegrond verklaard. De Hoge Raad stelt voorop dat het hof bij zijn oordeel een juiste definitie van het begrip museum als uitgangspunt heeft genomen, namelijk een ruimte waarin een duurzaam samenhangende collectie goederen is uitgestald, waarover het publiek wordt geïnformeerd voor doeleinden van studie, educatie en cultureel genoegen. Wil hiervan echter sprake zijn, dan dienen de goederen speciaal bijeen te zijn gebracht om bezichtigd te worden. In casu is dit naar het oordeel van de Hoge Raad niet het geval.

De Hoge Raad heeft de zaak doorverwezen naar Hof Den Bosch, dat oordeelde dat Stadion Amsterdam er niet in geslaagd is aannemelijk te maken dat de toegang tot het complex in het kader van de tours in hoofdzaak strekt tot het bezichtigen van de in het museum bijeengebrachte collectie van goederen, zodat ter zake van de tours geen sprake is van het verlenen van toegang tot een museum en de inspecteur in het gelijk gesteld moet worden. Stadion Amsterdam heeft cassatieberoep ingesteld tegen de uitspraak van het hof. Bij de behandeling van het derde cassatieberoep heeft de Hoge Raad besloten een prejudiciële vraag te stellen aan het HvJ EU of een samengestelde prestatie, die bestaat uit een rondleiding in een voetbalstadion en een museumbezoek, deels belast kan zijn tegen het verlaagde btw-tarief. Het HvJ heeft vervolgens geoordeeld dat slechts één btw-tarief van toepassing kan zijn op de tours. Het toe te passen tarief wordt bepaald aan de hand van het hoofdelement van de prestatie, ook al is het mogelijk te bepalen hoeveel de vergoeding voor elk element bedraagt binnen de door de consument voor deze prestatie betaalde totale vergoeding.

Hoge Raad

Het oordeel van de Hoge Raad is kort. De Hoge Raad oordeelt dat uit de uitspraak van het HvJ volgt dat één enkele prestatie, zoals door Stadion Amsterdam verricht, die bestaat uit twee onderscheiden elementen, moet worden belast tegen het tarief dat wordt bepaald aan de hand van het hoofdelement, ook al is het mogelijk de omvang van de vergoeding voor elk element te bepalen. De rondleiding in de arena en het bezoek aan het Ajaxmuseum is volgens de Hoge Raad dus één dient, die belast is tegen het algemene btw-tarief.

Het oordeel van de Hoge Raad is kort, wat naar onze mening te verwachten was. Stadion Amsterdam procedeert al sinds 2006 over de vraag of de rondleidingen met een museumbezoek in de Amsterdam Arena zijn belast tegen het 6% tarief of 21% tarief. Na 11 jaar is deze casus eindelijk afgewikkeld, nadat de HR zich meerdere keren over deze zaak moest uitspreken. De HR kwam maar niet tot een finaal oordeel. Voor ons commentaar op deze casus verwijzen wij naar ons eerdere nieuwsbericht.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op