30 juni 2016Richtlijn tot wijziging btw-regels vouchers aangenomen

De Raad van de EU heeft op 27 juni 2016 de richtlijn aangenomen tot wijziging van de btw-richtlijn inzake de btw-behandeling van vouchers. De wijziging van de btw-richtlijn treedt op 1 januari 2019 in werking.

De Raad van de EU heeft een richtlijn aangenomen die de btw-regels wijzigt voor vouchers die voor goederen of diensten kunnen worden ingewisseld. Deze richtlijn treedt op 1 januari 2019 in werking en is uitsluitend van toepassing op vouchers die na 31 december 2018 zijn uitgegeven. Door deze richtlijn worden in de btw-richtlijn definities opgenomen van de begrippen ‘voucher’, ‘voucher voor enkelvoudig gebruik’ (ook wel Single Purpose Voucher of SPV genoemd) en ‘voucher voor meervoudig gebruik’ (ook wel Multi Purpose Voucher of MPV genoemd).

De overdracht van een SPV wordt beschouwd als het verrichten van de onderliggende levering of dienst. Dit betekent dat de levering of dienst reeds plaatsvindt bij de koop van de SPV en niet pas bij inwisseling van de SPV. Bij een MPV is dat anders en vindt niet bij de verkoop van de MPV, maar bij de feitelijke verrichting van de levering of dienst een belastbare handeling plaats. De maatstaf van heffing voor de leveringen en/of diensten bestaat in dat geval uit de betaalde tegenprestatie voor de MPV of, indien de tegenprestatie niet duidelijk is, de nominale waarde van de MPV minus het btw-bedrag over de geleverde goederen en/of diensten.

Indien een MPV wordt verkocht door een persoon die niet degene is die de onderliggende leveringen en/of diensten verricht dan verricht deze tussenpersoon/distributeur een btw-belaste verspreidings- of promotiedienst. Voor SPV geldt dat indien de btw-ondernemer die de SPV heeft uitgegeven een andere btw-ondernemer is dan degene die de onderliggende levering of dienst verricht dan wordt laatstgenoemde btw-ondernemer (lees: de btw-ondernemer die feitelijk de prestatie verricht) geacht deze levering of dienst te hebben verricht aan de btw-ondernemer die de SPV heeft uitgegeven.

 In Nederland geldt ten aanzien van de verkoop van telefoonkaarten reeds beleid dat overeenkomt met de richtlijn inzake de btw-behandeling van vouchers (zie 8.3.1.7). Het is echter de vraag of het (sinds 1 juli 2013) aanmerken van de prestatie van distributeurs van multi purpose telefoonkaarten als een btw-belaste verspreidings- of promotiedienst in dit beleid vóór 2019 een wettelijke basis heeft. In de btw-richtlijn en in de Wet OB 1968 ontbreekt tot 2019 immers een bepaling op grond waarvan de handeling van distributeurs die bij de verkoop van MPV’s handelen op eigen naam en voor eigen rekening expliciet wordt aangemerkt als een btw-belaste verspreidings- of promotiedienst. Mogelijk is de veronderstelling van de staatssecretaris dat de distributeur van multi purpose telefoonkaarten nimmer op eigen naam en voor eigen rekening handelt, maar wij betwijfelen of die veronderstelling juist is. Uit de aangenomen richtlijn tot wijziging van de btw-regels inzake vouchers maken wij op dat de opstellers van de richtlijn van een andere veronderstelling zijn uitgegaan. In voorkomende gevallen verdient het voor distributeurs die multi purpose telefoonkaarten op eigen naam en voor eigen rekening verkopen daarom aanbeveling om tot 2019 ter behoud van rechten tijdig bezwaar aan te tekenen tegen de voldoening van btw op aangifte over verspreidings- of promotiediensten.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op