18 april 2014Overdracht schoolgebouw gemeente Hardinxveld-Giessendam btw-levering

De gemeente Hardinxveld-Giessendam draagt een schoolgebouw in aanbouw over aan het bestuur van een school voor bijzonder onderwijs. Hiervoor wordt € 274.208 plus € 52.099,52 btw in rekening gebracht. De gemeente en het schoolbestuur komen overeen dat de gemeente afstand doet tot betaling van de koopprijs plus de btw, waartegenover het schoolbestuur dat bedrag schuldig erkent. Ter zake van de verkrijging van het schoolgebouw is een strafheffing overdrachtsbelasting voldaan ten bedrage van € 195.784,50. De gemeente heeft gedurende het vierde kwartaal 2004 t/m het derde kwartaal 2005 de btw op de bouwkosten in aftrek gebracht. In het eerste kwartaal van 2005 is om teruggaaf verzocht. De inspecteur heeft de teruggaaf geweigerd en de in aftrek gebrachte btw op de stichtingskosten nageheven.? 

Naar het oordeel van Rechtbank Den Haag heeft de gemeente niet als btw-ondernemer gehandeld omdat feitelijk geen sprake is van een levering tegen een vergoeding. In hoger beroep oordeelt Hof Den Haag dat de gemeente uitsluitend een aan haar opgedragen toezichthoudende en regelgevende activiteit uitoefent met betrekking tot het primair onderwijs. Deze wijze van het verzorgen van voorzieningen gekoppeld aan de positie die een gemeente overigens heeft op het gebied van (bijzonder) onderwijs kwalificeert niet als een activiteit om daaruit duurzaam opbrengsten te verkrijgen. Omdat geen sprake is van een economische activiteit ontbeert de gemeente recht op aftrek. 

In cassatie meent A-G Van Hilten dat de overdracht van het schoolgebouw een levering is voor de btw en dat geen sprake is van een ‘typische overheidshandeling’ (voor meer info zie 1.5). De Hoge Raad neemt de conclusie van de A-G over. Naar het oordeel van de Hoge Raad vormen een vervaardiging en overdracht als deze – anders dan het hof heeft geoordeeld – geen noodzakelijke en voorafgaande voorwaarde voor het verstrekken van onderwijs, in de zin dat de gemeente daarmee een toezichthoudende of regelgevende activiteit uitoefent met betrekking tot het onderwijs. Ervan uitgaande dat de gemeente de overdracht van het schoolgebouw tegen vergoeding heeft verricht, heeft zij deze prestatie verricht als btw-ondernemer. Dit betekent dat de levering van het schoolgebouw belast was met btw en dat de gemeente recht had op btw-aftrek indien de vergoeding niet symbolisch was. De Hoge Raad verwijst de zaak naar Hof Amsterdam ter verdere behandeling en beslissing.?

 

 

 

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op