29 november 2016Niet-geïntegreerde zonnepanelen verlagen heffing over privégebruik woning niet

Het aanbrengen van niet-geïntegreerde zonnepanelen op een woning met kantoorruimte leidt naar het oordeel van Rechtbank Gelderland niet zonder meer tot een hoger percentage zakelijk gebruik van de woning.

X heeft een (eigen) woning met kantoorruimte laten bouwen en deze medio 2013 in gebruik genomen. Met een beroep op het Charles-Tijmens-arrest heeft X in de jaren 2010 tot en met 2013 de btw die drukte op de bouw van de woning in aftrek gebracht. Naar aanleiding hiervan heeft in 2013 een boekenonderzoek plaatsgevonden. Door X en de inspecteur van de Belastingdienst is in overleg de correctie in verband met het privégebruik van de woning vastgesteld. Hierbij is het privégedeelte bepaald op 77,68% en het zakelijke gedeelte op 22,32% van de woning.

In 2014 heeft X niet-geïntegreerde zonnepanelen op het dak van zijn woning geplaatst, die zijn aangesloten op het elektriciteitsnet van de woning. De elektriciteit die niet door X wordt gebruikt, wordt geleverd aan de energiemaatschappij. X heeft de btw op de aanschaf van de zonnepanelen volledig in aftrek gebracht. Daarnaast heeft X over het vierde kwartaal van 2014 een bedrag van € 2.653 aangegeven in verband met het privégebruik van de woning. In tegenstelling tot de eerdere afspraak met de inspecteur is X uitgegaan van een zakelijk gebruik van 33%. Naar de mening van X zijn de zonnepanelen namelijk bestanddelen van de woning geworden omdat zij na installatie hun fysieke en economische eigenschappen verloren hebben en is in verband met de plaatsing van de zonnepanelen het zakelijk gebruik van de woning toegenomen van 22,32% naar 33%. De inspecteur heeft X vervolgens een naheffingsaanslag opgelegd.

In deze zaak heeft Rechtbank Gelderland recent geoordeeld dat sprake is van zonnepanelen die relatief eenvoudig te demonteren en te verplaatsen zijn en daarom aangemerkt moeten worden als roerende goederen. Voor het antwoord op de vraag of de zonnepanelen roerend of onroerend zijn acht de rechtbank namelijk niet van belang dat de zonnepanelen onlosmakelijk met de woning zijn verbonden, maar wel of deze niet gemakkelijk te demonteren of te verplaatsen zijn. Aangezien de zonnepanelen van X op het dak zijn aangebracht en niet zijn geïntegreerd, is sprake van roerende goederen. Dat de zonnepanelen door middel van elektriciteitskabels zijn aangesloten op het elektriciteitsnet leidt niet tot een ander oordeel.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft X niet aannemelijk gemaakt dat hij de woning meer zakelijk is gaan gebruiken dan vóór de plaatsing van de zonnepanelen. Het zakelijk gebruik dient daarom niet hoger te worden vastgesteld dan de door partijen eerder afgesproken 22,32%. De naheffingsaanslag is daarom terecht opgelegd, aldus de rechtbank.

Zie  De aftrek ter zake van de aanschaf van de zonnepanelen was in deze zaak niet in geschil.