21 november 2012Nederlandse integratieheffing deels in strijd met unierecht

Een vrijgesteld presterende btw-ondernemer, zoals een ziekenhuis of onderwijsinstelling, die op eigen grond een pand laat bouwen is over de totale voortbrengingskosten (incl. de waarde van de grond) 21% btw verschuldigd. Volgens het HvJ EU is dit niet altijd het geval. 

Integratieheffing
Het in gebruik nemen van in eigen bedrijf vervaardigde goederen voor vrijgestelde prestaties is bij wetsfictie aangemerkt als de levering van dit vervaardigde goed tegen vergoeding (art. 3, lid 3, onderdeel b Wet OB 1968). Met in eigen bedrijf vervaardigde goederen zijn gelijkgesteld goederen die in opdracht zijn vervaardigd onder terbeschikkingstelling van stoffen, zoals grond (art. 3, lid 9 Wet OB 1968). De toepassing van deze levering, de zogenoemde integratieheffing, betekent dat in het tijdvak van ingebruikneming 21% btw verschuldigd is over de (geactualiseerde) voortbrengingskosten van het (in opdracht) vervaardigde goed (art. 8, lid 3 Wet OB 1968). In verband met de btw-verhoging per 1 oktober 2012 geldt dat de integratieheffing ook na 1 oktober 2012 19% btw bedraagt voor zover de kostencomponenten (grond, bouwtermijnen etc.) met 19% btw zijn afgenomen. Wij laten deze overgangsregeling verder rusten. De integratieheffing betekent dat de in rekening gebrachte btw op de grond- en bouwkosten vóór ingebruikneming volledig aftrekbaar is. De verschuldigde integratieheffings-btw is aftrekbaar indien en voor zover het vervaardigde goed voor aftrekgerechtigde activiteiten wordt gebruikt (art. 15, lid 1, onderdeel c, 3° Wet OB 1968).

Feiten en omstandigheden zaak Gemeente Vlaardingen
In de zaak Gemeente Vlaardingen heeft de Hoge Raad prejudiciële vragen gesteld over de (on)houdbaarheid van de Nederlandse integratieheffing. In deze zaak gaat het om de gemeente Vlaardingen die een aantal sportgrasvelden verhuurt aan sportverenigingen. In 2003 en 2004 worden een aantal van deze grasvelden in opdracht van de gemeente vervangen door kunstgras- en asfaltvelden (hierna: kunstgrasvelden). De aannemers hebben ter zake van de aanleg van deze velden btw in rekening gebracht. Deze in rekening gebrachte btw is door de gemeente niet in aftrek gebracht. De gemeente heeft deze velden vervolgens opnieuw zonder btw verhuurd aan dezelfde sportverenigingen. In deze zaak is in geschil of de gemeente Vlaardingen door de ingebruikneming van de sportvelden voor vrijgestelde verhuur een integratieheffing verschuldigd is over de totale voortbrengingskosten van de kunstgrasvelden. Omdat de gemeente de btw op de aanlegkosten niet in aftrek had gebracht gaat het om per saldo om de vraag of er btw verschuldigd is over de waarde van de grond. In deze procedure staat vast dat de kunstgrasvelden in opdracht zijn vervaardigd onder terbeschikkingstelling van de grond.  

HvJ EU
Het HvJ EU heeft geoordeeld dat het niet in strijd is met het gemeenschapsrecht (thans unierecht) om de ingebruikneming van de kunstgrasvelden voor vrijgestelde verhuur door de gemeente Vlaardingen te onderwerpen aan een integratieheffing over de waarde van de grond en de kosten van de bewerking ervan, voor zover de gemeente over die waarde van de grond en kosten nog geen btw heeft betaald en de kunstgrasvelden kwalificeren als nieuwe gebouwen met het erbij behorend terrein of bouwterreinen. De Hoge Raad, waarnaar de zaak wordt terugverwezen, moet allereerst beoordelen of de gemeente vóór de in het geding zijnde naheffing btw heeft betaald over de waarde van de grond waarop de kunstgrasvelden liggen. Als de gemeente Vlaardingen de sportvelden in het verleden met btw heeft verkregen dan mag de waarde van de sportvelden niet nogmaals in de integratieheffing worden betrokken. Mocht de gemeente de sportvelden zonder btw hebben verkregen dan zal de Hoge Raad na moeten gaan of de ingebruikneming van de kunstgrasvelden voor de vrijgestelde verhuur belast is met btw, hetgeen uitsluitend het geval is wanneer de kunstgrasvelden kwalificeren als vervaardigde gebouwen of bouwterreinen.

Wat betekent het Gemeente Vlaardingen-arrest voor de praktijk?
Naar onze mening zal er door het Gemeente Vlaardingen-arrest bij het in opdracht vervaardigen van gebouwen onder de terbeschikkingstelling van grond een onderscheid gemaakt moeten worden tussen de situatie dat de opdrachtgever de grond met btw heeft aangekocht en de situatie dat de grond zonder btw is aangekocht.

Is de grond zonder btw en met overdrachtsbelasting aangekocht dan is over de waarde van het vervaardigde goed (incl. de waarde van de grond) 21% btw verschuldigd vanwege de integratieheffing. Dit betekent dat vrijgesteld presterende btw-ondernemers die een goed willen laten vervaardigen op eigen grond er verstandig aan doen om de grond met btw en zonder 6% niet-aftrekbare overdrachtsbelasting (d.w.z.: als bouwterrein) aan te kopen. Is de grond door deze btw-ondernemer met btw aangekocht dan moet dit arrest naar onze mening zo worden uitgelegd dat de btw op deze aanschafkosten volledig aftrekbaar is en dat op het tijdstip van ingebruikneming 21% btw verschuldigd is over de voortbrengingskosten van het vervaardigde goed (incl. de waarde van de grond). Het arrest geeft geen duidelijk antwoord op de vraag hoe moet worden gehandeld in de situatie dat de grond in het verleden met btw is aangekocht en -zoals in de zaak Gemeente Vlaardingen- reeds voor bedrijfsdoeleinden is gebruikt. Het ligt naar onze mening in de rede dat in een dergelijk geval de maatstaf van de integratieheffing verminderd dient te worden met de waarde van de grond.

 Ten slotte willen wij erop wijzen dat het begrip “vervaardigen” onzes inziens uitsluitend vernieuwbouw (en dus geen nieuwbouw) omvat. Dit betekent dat nieuwbouw naar onze mening grammaticaal gezien niet onder de reikwijdte van de integratieheffing valt. Dit standpunt is door Van Driel Fruijtier btw-specialisten ingenomen in een thans aanhangige cassatieprocedure. De Hoge Raad zal hierover nog een beslissing moeten nemen.    

 Hebt u vragen naar aanleiding van dit nieuwsbericht? Neem dan contact met ons op! U kunt ons telefonisch bereiken op 088-2989898 en per e-mail via info@btwplaza.nl.

 

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op