16 maart 2012Lage canon erfpachtrecht geen betaling oninbare bouwtermijnen door derde

Indien de afnemer de in rekening gebrachte vergoeding (redelijkerwijs) niet betaalt, mag de schuldeiser de reeds betaalde btw terugvragen. De betaling van de factuur kan echter ook door een derde plaatsvinden. Van een betaling door een derde moet niet te snel worden uitgegaan: er is een rechtstreeks verband tussen de betaling en de door de schuldeiser verrichte prestaties nodig. Dit blijkt uit een thans aanhangige cassatieprocedure. In deze procedure gaat het om een bouw- en aannemingsbedrijf dat btw heeft voldaan over de bouw van een bedrijfsverzamelgebouw. Dit gebouw staat op een terrein dat de opdrachtgever in erfpacht van een gemeente zou verkrijgen. De opdrachtgever betaalt de bouwtermijnen niet en verkrijgt ook het erfpachtrecht niet. Door natrekking is de gemeente eigenaar geworden van het bedrijfsverzamelgebouw. Het bouw- en aannemingsbedrijf verkrijgt vervolgens voor een lagere prijs (alleen de waarde van de grond) een eeuwigdurend erfpachtrecht van de gemeente. Naar de mening van A-G Van Hilten heeft het bouw- en aannemingsbedrijf in deze situatie recht op teruggaaf van de btw op de oninbare bouwtermijnen. Dat het bouw- en aannemingsbedrijf het recht erfpacht van de gemeente voor een lagere prijs (alleen waarde grond) heeft verkregen, betekent niet dat de door de opdrachtgever verschuldigde bouwtermijnen door de gemeente zijn betaald. Naar de mening van de A-G bestaat er geen rechtstreeks verband tussen de bouw van het bedrijfsverzamelgebouw voor de opdrachtgever en de canon die de gemeente aan het bouw- en aannemingsbedrijf in rekening heeft gebracht. De Hoge Raad moet nog arrest wijzen. Voor de conclusie en meer informatie over het terugvragen van btw bij oninbare vorderingen zie 4.14.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op