1 oktober 2012Kamervragen over btw-verschil tussen bouwterrein en niet-bouwterrein

Tweede Kamerleden Groot en Monasch hebben onlangs vragen gesteld over het verschil in btw-regime voor bouwterreinen en niet-bouwterreinen. Op grond van de huidige wetgeving is de levering van een bouwterrein belast met 21% (voorheen: 19%) btw, terwijl de verkrijging vrijgesteld is van overdrachtsbelasting. De levering van een niet-bouwterrein is vrijgesteld van btw, terwijl de verkrijging van dit terrein belast is met 6% overdrachtsbelasting.

De Kamerleden, beiden PvdA, vragen zich af wat de reden is van het verschil in btw-regime. Zij zijn van mening dat het verschil tot gevolg heeft dat het niet loont om leegstaande terreinen om te vormen tot een grasveld of tuin, omdat dit – naast de kosten van de sloop van een fundering – een hogere belastingdruk (nl. btw in plaats van overdrachtsbelasting) tot gevolg heeft. Daarnaast zijn zij van mening dat door het verschil in btw-regime de leefbaarheid van wijken daalt, aangezien sloopterreinen met openliggende funderingen het aanzien van de wijk verminderen en gevaar opleveren voor spelende kinderen, mede gelet op het feit dat door de economische crisis steeds meer terreinen ongebruikt leegstaan.

In zijn antwoorden gaat de staatssecretaris allereerst in op het verschil tussen bouwterreinen en niet-bouwterreinen. Hij geeft aan dat het antwoord op de vraag of sprake is van een bouwterrein of niet-bouwterrein een feitelijke beoordeling van geval tot geval vergt. De Hoge Raad heeft eerder geoordeeld dat sloop van gebouwen niet leidt tot een bouwterrein. Omdat twijfel bestaat over deze uitleg, heeft de Hoge Raad prejudiciële vragen gesteld aan het HvJ EU. Verder benadrukt de staatssecretaris dat de vraag of btw moet worden voldaan bij verkoop, alleen beantwoord hoeft te worden indien de grondeigenaar btw-ondernemer is en dat btw-heffing niet in alle gevallen duurder is dan heffing van overdrachtsbelasting, omdat een btw-plichtige afnemer de in rekening gebrachte btw in aftrek kan brengen. Het omvormen van een leegstand terrein tot een grasveld of tuin zonder oogmerk van bebouwing levert in ieder geval geen bouwterrein op. Dat het niet loont om leegstaande terreinen om te vormen tot een grasveld of tuin en dat door het verschil in btw-regime de leefbaarheid van wijken daalt, acht de staatssecretaris dan ook geen juiste conclusie.

Zie 7.6 voor meer informatie over de levering van (niet-)bouwterreinen en het arrest van de Hoge Raad.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op