30 oktober 2012Intrekking cassatieberoep: btw-vrijstelling personal holding tandarts

Een tandarts heeft een holding van waaruit hij werkzaamheden verricht jegens een tandartspraktijk waarin de holding 50% van de aandelen houdt. De andere 50% van de aandelen is in handen van de holding van een andere tandarts. De tandarts is in dienst van de holding en ontvangt van de holding salaris. In de periode van 1 juni 2006 t/m 31 oktober 2008 (met uitzondering van december 2007) heeft de holding van de tandartspraktijk maandelijks een vergoeding van € 20.000 ontvangen voor de werkzaamheden van de tandarts ten behoeve van de patiënten van de tandartspraktijk. Uit deze vergoeding heeft de holding het salaris van de tandarts bekostigd. Zowel de holding als de tandartspraktijk heeft een beroepsaansprakelijkheidsverzekering gesloten ter zake van de door de tandarts verrichte werkzaamheden. De inspecteur heeft 19% btw uit de vergoedingen nageheven omdat volgens hem sprake is van het ter beschikking stellen van personeel.  

Hof Den Bosch heeft in deze zaak geoordeeld dat de naheffingsaanslagen ten onrechte zijn opgelegd. Volgens het hof moet het voor de toepassing van de btw-vrijstelling niet uitmaken of de werkzaamheden door de tandarts aan de patiënten van de tandartspraktijk via de holding van de tandarts worden verricht.

 

Aanvankelijk was door de staatssecretaris cassatieberoep aangetekend tegen dit oordeel. In zijn toelichting laat de staatssecretaris echter laten weten het beroep te hebben ingetrokken. Hoewel hij in algemene zin de rechtsopvatting van het hof niet onderschrijft, verwacht hij van het voorleggen van deze zaak aan de Hoge Raad namelijk geen succes.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op