13 april 2018Internetconsultatie voorstel modernisering kleine ondernemersregeling

Het kabinet stelt voor om per 1 januari 2020 de huidige kleine ondernemersregeling (KOR) te wijzigen in een omzetgerelateerde vrijstelling van omzetbelasting (OVOB). Het Ministere van Financiën heeft het conceptwetsvoorstel ter internetconsultatie vrijgegeven.

Voorstel

De kern van de OVOB is dat een ondernemer, die onder de omzetgrens blijft en ervoor kiest om de OVOB toe te passen, geen btw in rekening brengt aan zijn afnemers. De btw die andere ondernemers hem in rekening brengen, kan de ondernemer niet in aftrek brengen. Ondernemers die voor de OVOB kiezen zijn ontheven van het doen van btw-aangifte en de daarbij horende administratieve verplichtingen voor de door hen verrichte goederenleveringen en diensten in Nederland. Ondernemers die de OVOB niet (kunnen) toepassen, doen op reguliere wijze btw-aangifte.

Verschil met oude regeling

De nieuwe regeling verschilt op een aantal punten met de huidige regeling:

• de nieuwe regeling wordt uitgebreid naar andere dan natuurlijke personen. Dit betekent dat de nieuwe regeling rechtsvormneutraal wordt en ook kan worden toegepast door rechtspersonen, zoals BV’s, verenigingen en stichtingen;
• voor de toepassing van de nieuwe regeling wordt gekeken naar de omzet van de ondernemer per kalenderjaar en niet meer naar de per saldo verschuldigde btw. Hierdoor speelt de hoogte van de btw op door de ondernemer aangekochte goederen en diensten of het toe te passen btw-tarief bij de nieuwe regeling geen rol meer.
• de btw-positie van de ondernemer verandert door toepassing van de nieuwe regeling ten opzichte van de oude regeling van een btw-belaste positie met een vermindering van de verschuldigde btw in een btw-vrijgestelde positie.

Belanghebbenden kunnen tot 1 mei 2018 op het conceptwetsvoorstel reageren.

Wij vinden de vervanging van de KOR in de OVOB een goede zaak. De OVOB is in tegenstelling tot de KOR wel rechtsvormneutraal. Ook is de KOR gekoppeld aan de per saldo verschuldigde btw, waardoor ook ondernemer met hoge omzetten, maar met een laag bedrag aan verschuldigde btw, gebruik maken van de KOR. Dit zijn bijvoorbeeld ondernemers die veel goederen exporteren tegen het btw-nultarief of ondernemers met veel voorbelasting. Deze groepen ondernemers kunnen de KOR tot een veel hogere omzetgrens toepassen dan ondernemers met prestaties in het algemene btw-tarief en weinig voorbelasting. De OVOB voorkomt dit en sluit daardoor beter aan bij de beoogde doelgroep van ondernemers met een geringe omzet.

Nadeel van deze regeling is dat ondernemers er alles aan zullen gaan doen om onder de omzetgrens te blijven, door bijvoorbeeld een extra BV op te richten. Dit kan door de rechter mogelijk worden aangemerkt als misbruik van recht. Ook vragen wij ons af hoe met een incidentele overstijging van de omzetgrens moet worden omgegaan. Heeft de incidentele overstijging meteen gevolgen voor toepassing van de OVOB. Daarnaast worden in het wetsvoorstel een aantal woorden gebruikt die niet exact overeenkomen met de termen in de btw-richtlijn. Om de OVOB te mogen toepassen zal uiterlijk voor 20 november 2019 een verzoek moeten worden gedaan. De OVOB geldt niet met terugwerkende kracht. Ondernemers die nu al ontheven zijn van btw- verplichtingen door toepassing van de KOR, zullen een verzoek moeten doen om de OVOB te mogen toepassen. Met name voor de zonnepaneleneigenaren waarvan het op voorhand duidelijk is dat deze onder de omzetgrens blijven en van de OVOB gebruik willen maken, is het de vraag of de Belastingdienst hierop zit te wachten.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op