19 december 2018Geen volledige btw-aftrek bij ontbreken wettelijke uitwerking pre pro rata

Feiten

De ZWiazek Gmin Zaglebia Miedziowego w Polkowicach (hierna: samenwerkingsverband) is een publiekrechtelijk samenwerkingsverband van verschillende gemeenten in Polen. Het samenwerkingsverband is belast met de uitvoering van de wettelijke taken van die gemeenten op het gebied van afvalbeheer. Voor de uitvoering van deze taken ontvangt het samenwerkingsverband een retributie voor afvalbeheer. Het samenwerkingsverband wordt hiervoor niet als btw-ondernemer beschouwt. Tussen 2013 en 2015 heeft het samenwerkingsverband bijkomende diensten tegen betaling verricht, bestaande uit het beschikbaar stellen en vervoeren van containers voor verschillende soorten afval. Deze diensten vormen een economische activiteit. Een deel van deze diensten is onderworpen aan verschillende btw-tarieven, terwijl andere vrijgesteld zijn van btw. In het geschil is de omvang van het recht op aftrek van voorbelasting op goederen en diensten die door het samenwerkingsverband worden gebruikt voor zowel economische als niet-economische activiteiten.

A-G

De btw-richtlijn voorziet niet in methoden of criteria voor de aftrek van voorbelasting in bovenstaande situaties. A-G Sharpston is van mening dat op basis van het Unierecht aftrek slechts mogelijk is voor het gedeelte van de voorbelasting dat verband houdt met handelingen waarvoor recht op aftrek bestaat. De A-G concludeert dat bij gebreke van een methode voor de berekening van het verschuldigde belastingbedrag de belastingdienst de betrokken btw-ondernemer moet toestaan zich te beroepen op een methode van zijn keuze. Hierbij geldt de voorwaarde dat deze methode gelet op de aard van de uitgeoefende economische activiteit objectief weergeeft in welke mate de in een eerder stadium opgelopen kosten zijn gemaakt ten behoeve van economische activiteiten. Daarnaast moet de methode gebaseerd zijn op objectieve criteria en betrouwbare gegevens en de belastingdienst moet aan de hand ervan de juistheid van de toepassing kunnen controleren.

Wij zijn het eens met de conclusie van de A-G. De conclusie van de A-G is in het lijn met het Nederlandse beleid. Indien een ondernemer economische en niet-economische activiteiten verricht en kosten maakt die niet volledig zijn toe te rekenen aan diens economische activiteiten, maar ook betrekking hebben op de niet-economische activiteiten moet de ondernemer de voorbelasting splitsen in een aftrekbaar en niet-aftrekbaar deel. De Staatssecretaris geeft in het Besluit van 25 november 2011, nr. BLKB 2011/641M aan dat een ondernemer bij het maken van de splitsing tussen economische en niet-economische activiteiten een splitsingsmethode moet hanteren waarbij aangesloten wordt bij objectieve factoren, zoals omzetverhouding, m2, m3 of kosten. De Staatssecretaris heeft hierbij de voorwaarde gesteld dat de splitsingsmethode zoveel als mogelijk recht moet doen aan het gebruik van de goederen of diensten.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op