18 maart 2016Geen btw-aftrek voor terbeschikkingstelling gemeentelijke sportaccommodaties om niet

De Hoge Raad oordeelt dat een gemeente voor de terbeschikkingstelling van sportaccommodaties om niet aan basisscholen geen recht op aftrek heeft.

De gemeente Barneveld heeft dertien sportaccommodaties in eigendom, die zij tegen vergoeding ter beschikking stelt aan sportverenigingen en scholen voor voortgezet onderwijs. Daarnaast stelt zij de binnensportaccommodaties om niet ter beschikking aan basisscholen. Deze laatste activiteit verricht zij in het kader van de Wet primair onderwijs, die de gemeente verplicht tot het huisvesten van scholen voor primair onderwijs op haar grondgebied. De gemeente ontvangt hiervoor een bijdrage uit het Gemeentefonds, die zij intern ten laste van de onderwijsbegroting en ten gunste van haar sportbedrijf boekt.

Naar de mening van de gemeente vormt het ter beschikking stellen van de accommodaties tegen vergoeding en om niet één economische activiteit, namelijk het gelegenheid geven tot sportbeoefening (belast met 6% btw). Zij meent dan ook dat zij recht heeft op aftrek van alle btw die met betrekking tot de sportaccommodaties aan haar in rekening wordt gebracht. De inspecteur meent daarentegen dat geen sprake is van één enkele economische activiteit en dat de terbeschikkingstelling om niet aan de scholen voor primair onderwijs geen economische activiteit is, zodat de gemeente de voorbelasting slechts in aftrek kan brengen voor zover zij de ingekochte goederen en diensten gebruikt voor de terbeschikkingstelling van de sportaccommodaties tegen vergoeding. Rechtbank Gelderland heeft in deze zaak geoordeeld dat de gemeente geen recht heeft op aftrek van voorbelasting voor zover sprake is van de terbeschikkingstelling van de sportaccommodaties om niet. Hof Arnhem Leeuwarden bevestigt dit oordeel in hoger beroep. De gemeente heeft tegen deze uitspraak beroep in cassatie ingesteld.

Naar het oordeel van de Hoge Raad heeft de gemeente de goederen en diensten die zij heeft aangewend voor de terbeschikkingstelling van de sportaccommodaties zowel voor belaste als onbelaste activiteiten gebruikt. Het hof heeft geoordeeld dat de btw op de kosten met betrekking tot de sportaccommodaties slechts aftrekbaar is voor zover de kosten kunnen worden toegerekend aan de terbeschikkingstelling van de sportaccommodaties tegen vergoeding. Naar het oordeel van de Hoge Raad getuigt dit oordeel niet van een juiste rechtsopvatting en kan als verweven met waarderingen van feitelijke aard in cassatie niet op juistheid worden getoetst.

Wij vragen ons af waarom de gemeente tot en met de Hoge Raad heeft geprocedeerd. De vraag of in een geval als het onderhavige recht bestaat op volledige btw-aftrek was onzes inziens vragen naar de bekende weg. Dat de Hoge Raad beslist dat geen recht bestaat op volledige btw-aftrek achten wij dan ook een juist oordeel. Zie 10.4.3 voor meer informatie over de splitsing van voorbelasting bij economische en niet-economische activiteiten.

 

 

 

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op