19 mei 2017Geen btw-aftrek voor privégebruik binnenzwembad

De btw op de kosten die toerekenbaar zijn aan het privégebruik van een onroerend goed is niet aftrekbaar. Rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft geoordeeld dat een vof geen btw-aftrek heeft voor het privégebruik van een binnenzwembad dat ook tegen vergoeding ter beschikking wordt gesteld voor fysiotherapeutische behandelingen.

De feiten in deze zaak zijn als volgt. Een vof, die vrijgestelde fysiotherapieactiviteiten verricht, laat in 2013 een binnenzwembad bouwen aan het woonhuis van haar vennoten en stelt deze vervolgens ter beschikking aan een gelieerde vof voor fysiotherapeutische behandelingen. Tussen beide vof’s wordt een overeenkomst voor het gebruik van het zwembad gesloten waarbij aan de gelieerde vof een vergoeding in rekening wordt gebracht. Verder wordt in de overeenkomst voorwaarden/verplichtingen opgenomen. Het zwembad is in april 2014 in gebruik genomen. De vof heeft de btw ter zake van de bouw van het zwembad in aftrek gebracht. De inspecteur heeft een naheffingsaanslag opgelegd over het jaar 2014. Het bezwaar tegen deze naheffingsaanslag wordt afgewezen. In beroep is in geschil of de terbeschikkingstelling van het zwembad door de vof aan de gelieerde vof aangemerkt moet worden als de verhuur van een onroerend goed en, zo niet, of rekening gehouden moet worden met het privégebruik.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de terbeschikkingstelling van het binnenzwembad niet kwalificeert als de verhuur van onroerend goed, maar als verhuur plus. De vof faciliteert een specifiek gebruik van een onroerend goed, namelijk fysiotherapeutische behandelingen in het zwembad. Het zwembad wordt ter beschikking gesteld met attributen, zoals een loopband, jet streams en reguleerbare temperatuur. Daarnaast verzorgt de vof ook de dagelijkse schoonmaak. Verder is van belang dat de duur van de terbeschikkingstelling van het zwembad telkens kortstondig is: het zwembad wordt telkens voor een behandelduur van één uur aan een fysiotherapeut en zijn cliënt ter beschikking gesteld. Dit brengt mee dat de terbeschikkingstelling van het zwembad een belaste prestatie is waarvoor recht op btw-aftrek bestaat. Het aftrekrecht kan alleen beperkt worden vanwege het privégebruik. Het is niet in geschil dat het zwembad tot het btw-ondernemingsvermogen van de vof behoort. Omdat de vof btw-aftrek claimt, moet zij aannemelijk maken dat zij recht heeft op een hogere aftrek dan de inspecteur meent. De rechtbank oordeelt dat de vof niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van geen enkel dan wel een verwaarloosbaar klein privégebruik. Het zwembad is als een deel van de woning ontworpen en maakt deel uit van het gebouw dat als woning dient. Bovendien heeft de vof tegenstrijdige verklaringen over het gebruik van het zwembad gegeven. Bij het bezoek ter plaatste door de inspecteur hebben de vennoten verklaard dat er ook door hen en hun zoon in het zwembad wordt gezwommen, terwijl in beroep wordt gesteld dat dit niet het geval is of verwaarloosbaar is. De naheffingsaanslag wordt verminderd tot het btw-bedrag dat betrekking heeft op het privégebruik.

 Sinds 2011 is geen volledige btw-aftrek meer mogelijk voor onroerende goederen die zowel zakelijk als privé gebruikt worden, maar volledig tot het btw-ondernemingsvermogen zijn gerekend. De rechtbank oordeelt daarom naar onze mening terecht dat de vof over 2014 geen btw-aftrek heeft voor zover zij het binnenzwembad voor privédoeleinden gebruikt. De vof die het binnenzwembad heeft laten bouwen verricht zelf ook btw-vrijgestelde fysiotherapieactiviteiten, maar kennelijk wordt het binnenzwembad niet voor de eigen fysiotherapieactiviteiten gebruikt. Wij delen het oordeel van de rechtbank dat de terbeschikkingstelling van een binnenzwembad inclusief alle voorzieningen aan een andere vof voor korte duur kwalificeert als btw-belaste verhuur plus en dat in zoverre recht op btw-aftrek bestaat. 

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op