9 juli 2019Geen aftrek voor Universiteit voor btw die drukt op beheersvergoedingen voor beleggingen

Feiten

De Universiteit van Cambridge is een onderwijsinstelling en beoogt geen winst. Haar hoofdactiviteit, het verrichten van onderwijsdiensten, valt onder de onderwijsvrijstelling. Teven verricht de universiteit belastbare handelingen, zoals activiteiten van commercieel onderzoek, verkoop van publicaties, adviesverlening, catering, huisvesting en verhuur van installaties en materieel.

De activiteiten van de Universiteit van Cambridge worden deels gefinancierd met giften en dotaties, die worden ondergebracht in een fonds en vervolgens worden belegd. Dit fonds wordt beheerd door een derde. De universiteit heeft de Engelse belastingdienst verzocht om aftrek van de btw over de voor het betrokken fonds betaalde beheersvergoedingen, omdat de met dit fonds gegenereerde inkomsten werden gebruikt om kosten van al haar activiteiten te financieren.

HvJ

Het HvJ heeft geoordeeld dat de universiteit geen recht heeft op aftrek van de btw die drukt op de beheersvergoedingen van haar beleggingen. Deze kosten maken namelijk geen deel uit van de algemene kosten van de universiteit. Het HvJ acht hierbij van belang dat de beheerskosten van de in het fonds belegde giften en donaties niet zijn opgenomen in de prijs van een specifieke downstream verrichte handeling, aangezien de activiteiten van de universiteit deels werd gefinancierd met de door dit fonds gegenereerde inkomsten. De beheerskosten zijn rechtstreeks en uitsluitend toe te rekenen aan de betrokken beleggingsactiviteit, die niet onder de btw-richtlijn valt.

Wij vinden de uitspraak van het HvJ redelijk.

Wel merken wij op dat ten aanzien van de vraag of de beheerskosten algemene kosten vormen het HvJ ons inziens wel erg veel waarde hecht aan de niet verdiscontering van deze kosten in de prijs van de uitgaande activiteiten van universiteit. Naar onze mening blijkt uit de jurisprudentie van het HvJ -bijv. over de nakomende kosten (lees: kosten die opkomen na de bedrijfsbeëindiging)- dat een (volledige) verdiscontering in casu niet noodzakelijk is voor de kwalificatie van de beheerskosten als algemene kosten. Ook zou je kunnen stellen dat het fonds de prijs van producten verlaagt. Dus indirect is er wel sprake van verdiscontering van deze kosten in de prijs van uitgaande activiteiten van de universiteit.

De causaliteitstoets en finaliteitstoets spelen ook een rol. In deze casus zijn er ons inziens argumenten aan te voeren dat de beheerskosten algemene kosten vormen, aangezien deze kosten worden gemaakt om inkomsten met het fonds te genereren ter financiering van de activiteiten van de school. De kosten zijn hier gemaakt het oog op (voor een deel) uitgaande belastbare handelingen (finaliteit). Daarnaast zouden de kosten niet zijn gemaakt als de activiteiten van de school niet zouden zijn verricht (causaliteit).

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op