5 september 2013Btw verschuldigd over dividend wegens verkoop auto aan dga

Op 15 november 2010 heeft een B.V. een Landrover, type Range Rover TDV8 Vogue, gekocht. Het bouwjaar van de auto is 2009. Ter zake van de registratie van de auto in 2009 is een bedrag van € 50.212 aan BPM geheven. De B.V. heeft voor de auto een bedrag van € 62.860 betaald waarover € 11.943 aan btw in rekening is gebracht. In de notulen van een op 31 januari 2011 gehouden  algemene vergadering van aandeelhouders van de B.V. staat dat voorgesteld wordt dat de auto verkocht wordt aan de dga voor het BPM-bedrag van € 31.131. Omdat de werkelijke waarde € 93.991 excl. btw bedraagt wordt een dividend in natura uitgekeerd van € 62.860 netto. De B.V. neemt de dividendbelasting voor haar rekening zodat de bruto dividenduitkering € 73.953 bedraagt. De auto is ook daadwerkelijk verkocht voor € 31.131. Ter zake van deze levering is geen btw berekend omdat de vergoeding volgens de B.V. gelijk is aan de rest-BPM. De B.V. heeft het bedrag van € 31.131 in rekening-courant verwerkt.

Naar aanleiding van een boekenonderzoek heeft de inspecteur 19% btw nageheven over € 62.860 en een verzuimboete opgelegd van € 1.194, omdat naar zijn mening sprake is van een btw-belaste onttrekking. Na bezwaar is de naheffingsaanslag verminderd tot 19% uit € 62.860 en de verzuimboete tot € 1.003. Voor Rechtbank Den Haag is in geschil of deze naheffingsaanslag terecht is opgelegd. Naar het oordeel van de rechtbank moet het samenstel van de rechtshandelingen aldus worden gezien dat de dga door de toekenning van dividend een vordering had op de B.V. De dga heeft dit te vorderen bedrag aangewend om een deel van de prijs van de auto te voldoen. Deze aanwending is volgens de rechtbank als een tegenprestatie voor het leveren van de auto die tot de vergoeding behoort. De rechtbank overweegt ten overvloede dat het BPM-bedrag dat buiten de heffing is gebleven te hoog is vastgesteld waardoor de naheffingsaanslag veeleer te laag dan te hoog is vastgesteld. Omdat de B.V. haar standpunt niet heeft kunnen onderbouwen met jurisprudentie of literatuur is van een pleitbaar standpunt geen sprake. Ook de boete is derhalve terecht opgelegd.

Het is ons bekend dat deze structuur enkele jaren geleden actief is gepromoot als dé manier om een (veelal dure) auto van de B.V. fiscaal voordelig over te hevelen naar de dga. Volgens onze btw-specialisten was het maar zeer de vraag of deze structuur voor de btw zou werken. De uitspraak van de rechtbank bevestigt dit. Voor de B.V. betekent deze uitspraak dat de beoogde ‘goedkoop’ een ‘duurkoop’ is geworden.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op