11 december 2012Bijdragen hogescholen vergoeding voor verhuur studentenhuisvesting?

Een stichting heeft met een drietal hogescholen een samenwerkingsovereenkomst gesloten met betrekking tot de huisvesting van buitenlandse studenten. Uit hoofde van deze overeenkomst heeft de stichting aan de hogescholen bijdragen voor exploitatietekort en leegstand in rekening gebracht. De kamers worden door de stichting tegen vergoeding verhuurd aan buitenlandse studenten. In geschil is of, en zo ja, op welke wijze deze bijdragen in de btw-heffing moeten worden betrokken. Rechtbank Leeuwarden was van oordeel dat de stichting ter zake van deze bedragen 19% btw verschuldigd was, terwijl Hof Leeuwarden in hoger beroep oordeelde dat er sprake is van één dienst tegen vergoeding, namelijk: de verhuur van studentenkamers, waarop (hetgeen in deze zaak niet in geschil is) het 6%-tarief van toepassing is. Tegen de uitspraak van het hof is cassatieberoep ingesteld.

A-G Van Hilten (hierna: de A-G) is van mening dat het oordeel van het hof onbegrijpelijk dan wel onvoldoende gemotiveerd is. Op grond van rechtspraak van de Hoge Raad wordt degene die de factuur ontvangt, behoudens tegenbewijs, geacht de afnemer van de dienst te zijn. In deze zaak krijgen de hogescholen de rekening voor de bijdragen in het exploitatietekort en de leegstand. Uit de uitspraak van het hof wordt naar de mening van de A-G echter niet duidelijk waarom de diensten die de stichting verricht desondanks één onsplitsbare dienst (de verhuur van studentenhuisvesting) vormen aan de buitenlandse studenten. De A-G heeft de Hoge Raad geadviseerd de zaak te verwijzen naar een ander hof. De HogeRaad moet nog een beslissing nemen.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op