19 november 2015Beurshandelaar verlegde btw verschuldigd over ingekochte technische en informatiediensten

De diensten die een beurshandelaar inkoopt in het kader van de uitvoering van zijn bedrijf, moeten afzonderlijk in aanmerking worden genomen naast het lidmaatschap van de beurs en zijn niet vrijgesteld van btw-heffing, aldus Hof Amsterdam. 

X B.V. is wereldwijd actief als financial trading company en market maker. Zij geeft continu bied- en laatprijzen af voor bepaalde financiële instrumenten waarvoor zij bereid is deze te (ver)kopen, zodat continu handel in deze instrumenten mogelijk is. X handelt met eigen kapitaal op de financiële markten. Ook is zij actief in de arbitragehandel (het behalen van winst uit koersverschillen tussen dezelfde financiële instrumenten) en met hedging (het afdekken van de risico’s van een financieel instrument met een ander financieel instrument). X is lid van diverse beurzen en schakelt voor handel op andere handelsplatforms een prime broker in. In 2009 heeft X B.V. overeenkomsten gesloten op basis waarvan I N.V. voor X optreedt als prime broker, clearing member en settlement member. Ook koopt X andere diensten in bij I N.V., zoals software(licenties), koersinformatie, market data, rackspace/co-locatie en connectivity. De in Londen gevestigde vaste inrichting van I N.V. stuurt maandelijks een factuur aan X.

X heeft in 2012 een suppletieaangifte ingediend voor de jaren 2010 en 2011, waarin zij aangeeft dat de verleggingsregeling moet worden toegepast op een aantal diensten die zij heeft afgenomen van dienstverleners die gevestigd zijn in de EU en derde landen. De inspecteur heeft daarop aangegeven dat de verleggingsregeling op meer diensten van toepassing is. Naar zijn mening is X verlegde btw verschuldigd ter zake van de diensten die zij heeft afgenomen van I B.V. en de diensten van andere buitenlandse dienstverleners die als volgt zijn beschreven: software(licenties), koersinformatie, Market Data/Bid & Ask, broker services, connectivity. 

Tussen partijen is in geschil of de diensten die X van onder andere I N.V. heeft afgenomen, zijn vrijgesteld van btw-heffing. Hierbij is het ten eerste de vraag of de diensten van I N.V. en het afnemen van koersinformatie en Market Data/Bid & Ask één geheel vormen met het lidmaatschap van de beurs c.q. de inschakeling van de dienstverrichter als prime broker en ten tweede of deze diensten onder de btw-vrijstelling vallen. Voorts is in geschil waar de plaats van dienst is gelegen van de als ‘rackspace/co-locatie’ aangeduide dienst, die het recht verleent om hardware in een rek of stelling zo dicht mogelijk bij de beurs te plaatsen, zodat een zo snel mogelijke communicatie met de beurs mogelijk is. X meent dat sprake is van vrijgestelde diensten en dat de plaats van de als ‘rackspace/co-locatie’ aangeduide dienst gelegen is in het land waar de onroerende zaak is gelegen, zodat deze dienst niet in Nederland belastbaar is.

In eerste aanleg heeft Rechtbank Noord-Holland in deze zaak geoordeeld dat sprake is van diverse, zelfstandige diensten die niet zijn vrijgesteld van btw-heffing en dat de als ‘rackspace/co-locatie’ aangeduide dienst niet kwalificeert als vrijgestelde verhuur van onroerend goed. De rechtbank heeft het beroep van X derhalve ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak is hoger beroep ingesteld bij Hof Amsterdam.

In hoger beroep heeft X ter zitting berust in de naheffing van btw met betrekking tot de broker services. Met betrekking tot de overige geschilpunten bevestigt Hof Amsterdam de uitspraak van de rechtbank. De diensten die X afneemt, vormen niet één prestatie, om verschillende redenen: de diensten moeten formeel van elkaar worden onderscheiden omdat zij afzonderlijk zijn overeengekomen en gefactureerd en de diensten die worden afgenomen naast het lidmaatschap van de beurs zijn een doel op zich en geen middel om de hoofdprestatie optimaal te kunnen gebruiken of aantrekkelijker te maken. De diensten zijn, elk los bezien, naar het oordeel van het hof niet vrijgesteld van btw-heffing. Met betrekking tot de plaats van de als ‘rackspace/co-locatie’ aangeduide dienst overweegt het hof dat de essentie van de dienst niet het ter beschikking krijgen van een ruimte in een onroerende zaak is, maar veeleer de plaatsing van apparatuur in de nabijheid van de beurs als onderdeel van het geheel van diensten op het gebied van informatie en communicatie. De rol van de onroerende zaak is hierbij volgens het hof beperkt tot het voorkomen dat de apparatuur in de openlucht komt te staan. Er is daarom geen sprake van een dienst met betrekking tot een onroerende zaak. 

Zie 8.3.1 voor meer informatie over de btw-vrijstelling voor financiële activiteiten.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op