14 maart 2019A-G: registratiediensten KNMG btw-belast

Feiten

De KNMG biedt diensten aan, zoals de erkenning van onderwijsdiensten, registratie in een opleidingsregister en de registratie in een profiel- en of specialistenregister. Er wordt in cassatie gestreden over de vragen of op de registratiediensten de koepelvrijstelling van toepassing is en/of op de erkenningsdiensten de onderwijsvrijstelling van toepassing is.

A-G
• Koepelvrijstelling

– Zijn getrapte leden ook leden?

A-G Ettema is net als het hof van mening dat KNMG de koepelvrijstelling niet kan toepassen. Volgens de A-G kunnen alleen diensten aan personen/leden die het samenwerkingsverband zijn aangegaan in de koepelvrijstelling delen. KNMG is een samenwerkingsverband van beroepsverenigingen en individuele leden. Niet de getrapte individuele leden, maar de beroepsverenigingen zijn het samenwerkingsverband aangegaan. KNMG verricht haar diensten in zoverre dus niet aan de personen die het samenwerkingsverband zijn aangegaan, aangezien de diensten worden verricht aan de getrapte leden/artsen. De getrapte leden zijn dus geen leden volgens de A-G.

– Direct nodig criterium

De A-G is van mening dat het hof van een onjuiste rechtsopvatting is uitgegaan door, in het kader van de beoordeling of aan het direct nodig criterium is voldaan, te toetsen of de registratiediensten noodzakelijk zijn voor de door de artsen verrichte vrijgestelde handelingen. Het hof had moeten beoordelen of de door de koepel verrichte diensten noodzakelijkerwijs toerekenbaar zijn aan de door de artsen verrichte diensten.

– Enkel betaling aandeel in de gezamenlijke uitgeven

Het aandeelcriterium houdt volgens de A-G in dat geen winst mag worden beoogd, maar de omstandigheid dat geen winst wordt beoogd, is volgens de A-G niet dat per definitie wordt voldaan aan het aandeelcriterium. Dit criterium moet volgens de A-G strenger worden uitgelegd: vereist is dat het exacte aandeel in de gezamenlijke uitgaven voor elk afzonderlijke dienst die wordt verricht, aan het individuele lid in rekening wordt gebracht. KNMG heeft dit volgens de A-G niet gedaan, aangezien KNMG een vaste vergoeding heeft berekend.

Kortom, de A-G komt tot de conclusie dat de koepelvrijstelling niet van toepassing is.

• Onderwijsvrijstelling

De A-G is van mening dat het hof zijn oordeel dat de erkenningsdiensten niet onontbeerlijk zijn voor het onderwijs, onvoldoende heeft gemotiveerd. Volgens de A-G moet de zaak dan ook worden verwezen om te onderzoeken of is voldaan aan de voorwaarden voor toepassing van de onderwijsvrijstelling.

Wij achten het juist dat het berekenen van een vergoeding die niet (volledig) afhankelijk is van de kosten voor de afgenomen registratiediensten in de weg staat aan het toepassen van de koepelvrijstelling. Over de zeer strikte uitleg door het hof van het begrip ‘leden’ is twijfel mogelijk. Dat diensten aan huisartsen die civielrechtelijk geen lid zijn van KNMG of een federatiepartner buiten de koepelvrijstelling vallen, onderschrijven wij. Wij achten het echter niet uitgesloten dat diensten aan getrapte leden wel onder de koepelvrijstelling kunnen vallen. Het is nu afwachten op het oordeel van de Hoge Raad. Indien de Hoge Raad de conclusie van de A-G volgt is het voor de praktijk in ieder geval een belangrijk signaal dat een ruimhartige toepassing van de koepelvrijstelling zonder expliciete afstemming met de Belastingdienst niet zonder risico is. Zie 8.2.12 voor meer informatie over de koepelvrijstelling.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op