20 februari 2018A-G: parkeren bij Het Nationaal Park De Hoge Veluwe belast tegen algemene btw-tarief

De A-G is van mening dat de gelegenheid geven tot parkeren een zelfstandige dienst is die belast is met 21% btw.

Feiten

Een in 1935 opgerichte stichting beheert en verleent tegen vergoeding toegang tot een park van ruim 5.400 hectare met onder meer bos, heidevelden, grasvlakten en zandverstuivingen. In het park leven verschillende dieren in het wild en zijn bijzondere boomsoorten te vinden. Het park is te voet of met de auto te bezoeken. Tevens zijn er op verschillende plaatsen in het park (gratis) witte fietsen waarmee bezoekers zich kunnen verplaatsen. Ook kunnen bezoekers hun eigen fiets meenemen of een blauwe fiets huren. Met de auto kan een beperkt deel van het park worden bereikt. In het park is het op een beperkt aantal plaatsen toegestaan om de auto te parkeren in de berm langs de weg. Bezoekers die met de auto naar het park gaan, maar het park niet met de auto willen betreden, kunnen deze parkeren op de daarvoor bestemde parkeerplaatsen, die zijn gelegen aan de doodlopende weg die eindigt bij een van de drie ingangen van het omheinde park. De toegangsprijs voor een volwassene bedroeg in 2012 € 8,20 per persoon. Bezoekers die met de auto toegang willen krijgen betalen per auto € 6 extra voor de toegang (tarief 2012). Bezoekers die de auto bij één van de drie ingangen van het park parkeren, betalen hiervoor € 2 (tarief 2012). In geschil is of voor het parkeren het lage btw-tarief van 6% geldt.

Procedure

In eerste aanleg heeft Rechtbank Gelderland in deze zaak geoordeeld dat voor de modale consument de toegang tot het park de hoofddienst en het gelegenheid geven tot parkeren de bijkomende dienst is. In hoger beroep komt Hof Arnhem-Leeuwarden echter tot een ander oordeel, namelijk dat het gelegenheid geven tot parkeren voor de bezoeker een zelfstandige prestatie is, die niet bijkomend is ten opzichte van het verlenen van toegang tot het park. Het parkeren is volgens het hof een doel op zich en is belast tegen 21 %. De stichting gaat in cassatie.

Advocaat-Generaal Ettema

Advocaat-Generaal Ettema is van mening dat het verlenen van toegang tot het park en de gelegenheid geven tot parkeren twee zelfstandige prestaties zijn. Gelet op de rechtspraak van het HvJ geeft het oordeel van het hof geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting volgens de A-G.

De A-G concludeert dat de onderhavige zaak afwijkt van de zaken Everything Everywhere en de Witgoedzaak van het HvJ, in die zin dat van de door de stichting aangeboden dienst kan worden gebruikgemaakt zonder de hoofddienst af te nemen. Automobilisten kunnen immers (in theorie) gebruik maken van de geboden parkeergelegenheid zonder het park te bezoeken. Dat, zoals de stichting dat stelt, niemand dat in de praktijk doet, kan zo zijn, maar leidt niet per se tot de slotsom dat de bezoeker geen afzonderlijk belang heeft bij de geboden parkeergelegenheid. Dat dit anders is voor de bezoekers van het park die met de auto het park binnengaan ligt voor de hand: de auto kan niet alleen, zonder bezoekers, het park in. Overigens merkt de AG op dat tussen partijen kennelijk niet in geschil is dat op het entreegeld voor de auto die mee het park wordt ingenomen het verlaagde tarief van 6% wel van toepassing is.

Volgens de A-G is een kenmerkend element in diverse arresten van het HvJ (Everything Everywhere, Bookit, Tellmer Property) de vraag of één prijs of twee afzonderlijke prijzen in rekening worden gebracht. In casu worden twee bedragen in rekening gebracht (€2 per auto en € 8.20 entree per persoon). Dit is een indicatie dat het gelegenheid geven tot parkeren moet worden onderscheiden van het verlenen van toegang tot het park. Het is echter geen doorslaggevend criterium.

Ook verwijst de A-G naar het arrest BGZ Leasing waaruit volgt dat het vergemakkelijken van de hoofdprestatie alleen niet de doorslag geeft. De vraag moet worden beantwoord of het parkeren een doel op zich is. Hof Arnhem-Leeuwarden heeft deze uitspraak bevestigd beantwoord en gesteld dat de bezoekers een zekere keuzevrijheid hebben. De bezoekers hebben de keuze al dan niet met de auto naar het park te komen en als zij met de auto komen kunnen zij kiezen de auto al dan niet het park mee in te nemen. De tijdelijke bestemming van de auto is naar het oordeel van het Hof voor de bezoeker een behoefte op zich, omdat de bezoeker weet dat hij een vervoermiddel niet zomaar ergens kan achterlaten.

Daarnaast verwijst de A-G naar de arresten Wojskowa Agencja Mieszkaniowa w Warszawie en Field Fisher Waterhouse LLP van het HvJ waaruit kan worden afgeleid dat het als consument zelf kunnen kiezen en/of zelf kunnen bepalen of bepaalde goederen of diensten worden gebruikt, een indicatie kan zijn dat te onderscheiden prestaties worden verricht.

Ook is de A-G van mening dat de stichting zich vergeefs beroept op het gelijkheidsbeginsel. Het parkeren bij kamp-, hotel-, pension- en vakantiebestedingsbedrijven (Besluit van 27 oktober 2011, nr. BLKB2011/26M, V-N 2011/63.19) duurt normaal gesproken langer en ook ’s nachts. Bovendien worden de auto’s in casu niet gebruikt als trek- of vervoermiddel van kampeerspullen.

De A-G is van mening dat de gelegenheid geven tot parkeren belast is met 21% en concludeert tot ongegrondverklaring van de ingestelde cassatie van de stichting.

Wij delen de conclusie van de A-G niet. Wij kunnen ons weinig voorstellen bij een modale consument voor wie het parkeren bij de Hoge Veluwe een doel op zich is. Een zelfstandige prestatie is dan ook vergezocht als het gaat over een parkeerplaats waarvan het aannemelijk is dat deze alleen gebruikt wordt door bezoekers van het park. In 2006 heeft de Hoge Raad het oordeel van Hof Den Bosch in stand gelaten, inhoudende dat het parkeren bij de Efteling een zelfstandige prestatie belast is tegen het algemene btw-tarief. Hieruit wordt nogal eens afgeleid dat de Hoge Raad het met dit oordeel van het hof eens is. Toch kan dit niet uit het Efteling-arrest worden afgeleid. Het enige dat uit het Efteling-arrest af te leiden is, is dat de Hoge Raad van oordeel is dat het hof de feiten aan de juiste toets, de ‘CPP-toets’, heeft onderworpen. Niettemin werd na het Efteling-arrest in de praktijk ervan uitgegaan dat parkeren bij een attractiepark, dierentuin, musea etc. belast is tegen het algemene btw-tarief. Het Servicecertificaat-arrest van de Hoge Raad heeft de vraag opgeworpen of dit uitgangspunt juist is. In dit arrest oordeelde de Hoge Raad namelijk dat het tegen vergoeding afzonderlijk aanbieden van (extra) garantie op verkochte producten een prestatie is die als bijkomend bij de ‘hoofdprestatie’ moet worden aangemerkt die het fiscale lot van de hoofdprestatie, de met btw belaste levering van het product, deelt. De aankoop van het de (extra) garantie vormt volgens de Hoge Raad namelijk voor de klanten geen doel op zich, maar een middel om de hoofdprestatie aantrekkelijker te maken.

De lagere rechtspraak is verdeeld over het Efteling-arrest. In de Efteling-zaak heeft Rechtbank Zeeland-West-Brabant beslist dat het parkeren belast is met 21% btw. Hof Den Haag heeft, in afwijking van Rechtbank Den Haag, geoordeeld dat het parkeren bij Diergaarde Blijdorp belast is met 21% btw. In de zaak Slagharen heeft Hof Arnhem-Leeuwarden de uitspraak van Rechtbank Gelderland in stand gehouden en beslist dat het parkeren bij Slagharen geen bijkomende dienst is en dus belast is met 21% btw. Het is de verwachting dat ook in deze zaken cassatieberoep wordt ingesteld, omdat de Hoge Raad in de zaak Nationaal Park De Hoge Veluwe nog arrest moet wijzen. A-G Ettema heeft nu haar oordeel gegeven, maar dit is ‘slechts’ een advies, in tegenstelling tot het oordeel van de Hoge Raad wat bindend is. Of de Hoge Raad de opvatting van de A-G deelt zal moeten blijken. Gelet op het voorgaande verdient het aanbeveling om in voorkomende gevallen tijdig bezwaar te maken tegen de voldoening van 21% ter zake van de parkeeropbrengsten en te verzoeken om aanhouding van dit bezwaar totdat de Hoge raad in deze zaak een beslissing heeft genomen. Desgewenst zijn de btw-specialisten van BTW-INSTITUUT graag bereid te beoordelen of het voor u of uw cliënt zinvol is om bezwaar te maken en, zo ja, om dit bezwaarschrift op te stellen.

Meer weten over wat we u kunnen bieden?

De btw-specialisten helpen u graag verder.

Bel ons op of vul ons contactformulier in.

neem contact op